Raspberry Pi tips en tricks
Dit zijn de dingen die het leven met een Raspberry Pi makkelijker maken, van voeding en koeling tot handige opdrachten.
1. Een goede voeding is het halve werk
Een Pi 4 vraagt om 5 V en 3 A (15 watt), een Pi 5 om 5 V en 5 A (27 watt) met USB-C. Een te zwakke voeding geeft willekeurige storingen, vastlopers en beschadigde bestanden. Controleer of er stroomtekort is geweest:
vcgencmd get_throttled
De uitkomst throttled=0x0 is goed. Iets anders betekent dat de Pi te weinig stroom of te veel warmte heeft gehad.
2. Houd hem koel
Een Pi die te heet wordt, gaat langzamer draaien. Meet de temperatuur:
vcgencmd measure_temp
Houd hem onder de 70 graden bij belasting. Een koelblok of ventilator (bij een Pi 5 de officiële koeler) en een behuizing met luchtstroom helpen.
3. Zuinig en betrouwbaar opslaan
- Een SD-kaart slijt bij veel schrijven. Gebruik een goede kaart, of liever een usb-ssd. Zie geheugen en opslag.
- Zet een back-up van je kaart weg. Je kunt de hele kaart kopiëren naar een bestand vanaf een andere computer (vervang
/dev/sdXdoor je kaart, en controleer dat goed):sudo dd if=/dev/sdX of=pi-back-up.img bs=4M status=progressZet daarna een kopie van het bestand weg. Voor je gegevens zelf gebruik je restic of rsync.
4. Handige opdrachten
hostname -I # IP-adressen van de Pi
uptime # hoe lang draait hij al
free -h # geheugengebruik
df -h # schijfgebruik
vcgencmd measure_temp # temperatuur
pinout # schema van de GPIO-pennen (bij Raspberry Pi OS)
sudo raspi-config # instellingen
sudo reboot # herstarten
sudo shutdown -h now # netjes uitzetten
Zet de Pi altijd netjes uit voordat je de stekker eruit haalt, om beschadiging van de kaart te voorkomen.
5. Schermloos werken
Met SSH heb je geen scherm nodig. Wil je tóch het bureaublad van een Pi zien vanaf een andere computer? Raspberry Pi Connect is de officiële manier voor externe toegang, zonder dat je poorten openzet. Zet nooit zomaar poorten open naar internet; gebruik liever een vpn zoals WireGuard of Tailscale. Zie de poortenlijst.
6. Elektronica aansluiten
De Pi heeft 40 pennen voor sensoren, leds en motoren. Houd rekening met de 3,3 volt-logica en sluit nooit 5 volt aan op een GPIO-pin. Bekijk de pinnen in onze GPIO-pinout, bereken de weerstand voor een led met de LED-weerstand-tool en lees kleurbanden af met de weerstandskleurcode. Zet I2C en SPI eerst aan in raspi-config.
7. Weet wat hij kost
Een Raspberry Pi gebruikt 3 tot 6 watt in rust, dus ongeveer 8 tot 16 euro per jaar bij 30 cent per kWh. Bereken het zelf met de stroomkosten-calculator.
8. Laat je netwerk weten dat hij er is
- Geef hem een naam die je kunt onthouden (hostname) en een vast IP-adres.
- Gebruik Docker om programma’s netjes gescheiden te houden en makkelijk bij te werken.
- Zet bewaking op je Pi met Uptime Kuma (zie handige Docker-programma’s).